HANS DEVROE (HANS INNE)
Geboren te
Brugge (Sint-Kruis), oorlogskind met veel fantasie in een gezin van
zeven. Volgde de humaniora in het Sint-Lodewijkcollege
(Latijn-Grieks).Wou filosofie studeren maar de vader vond dat niet zo
praktisch. Het werd dan in Leuven Germaanse filologie,wat toen
vanzelf leidde naar het onderwijs. Dus leraar Nederlands en Engels te
Halle (1963-1975).
Tijdens de "loopbaan"- afschuwelijk woord - voltooide hij
een driejarige opleiding postgraduaat Toegepaste Linguïstiek in
het PUC Diepenbeek, wat uitmondde in een grote belangstelling voor
taalwetenschap, semiotiek en wiskunde. Natuurlijk leer je het meest
in de "universiteit van het leven" die de andere
relativeert .Werd medewerker literatuur aan "Spectator"
(bijlage "De Nieuwe Gids").
Na de
periode te Halle deeltijds
assistent o.l.v. professor L.Engels in diens Instituut voor
Toegepaste Linguïstiek (IPEK-project :toetsen Engels in de
kandidaturen 1976-1980).).Tegelijk journalist cultuur en wetenschap
bij "De Standaard" (o.m.series over linguïstiek,
wiskunde en (astro)fysica )van 1979 tot 1986.
Door het
ontbreken van structurele subsidie (WEL is pluralistisch, niet
partijgebonden) bleef een en ander goeddeels vrijwilligerswerk, dank
zij de inzet van velen. Met een pioniersrol, vaak geïmiteerd !
De
opleiding biedt een gestructureerde klassieke vorming, geen losse
stuntjes.
Verhalend proza
Onder eigen naam en Hans Inne zeven luisterspelen voor BRT / BRTN / VRT :
"De vloedlijn" (als "Bis hierhin geht die Flut"
ook uitgezonden door de WDR), "De scheidingsmeester",
"Een voorgevoel", "Spelers", "Noctuarium".
Regisseurs waren Flor Stein, Heinz Dieter Köhler, Gie Laenen en Martine
Ketelbuters. Het biografische "Chez Satie" werd
bekroond door de Provincie West-Vlaanderen (1988).
Voor Radio
3 (met als producers Frans Boenders en Freddy De Vree) maakte hij de
serie "De mathematische muze" (over de relatie tussen
wiskunde, literatuur en esthetiek) en recenseerde wetenschappelijke
tijdschriften.
Laatste wijziging: 8 september 2008
Hans Devroe: Met prof. L. Simons op de Boekenbeurs
Tussendoor
regionaal actief voor "Het Nieuwsblad". In het verlengde
van "De Standaard" medewerker wetenschap aan Radio 3.
In 1980
stichtte hij aan de KU Leuven (STUC) WEL, de Universitaire Werkgroep
Literatuur en Media -de eerste "schrijversschool" in ons
taalgebied! Aanvankelijk lag de klemtoon op internationale
avant-garde, later groeiden de losse cursussen uit tot een
veelzijdige vierjarige opleiding, ook qua media. Vanaf 1983 volgden
het driemaandelijks tijdschrift "WEL" en drie jaarlijkse
wedstrijden ter aanmoediging: flitsverhaal / prozagedicht,essay
i.s.m. Stad Leuven, en een mediaprijs. Er is ook op verplaatsing
gespeeld: Neerpelt (Provincie.Limburg), Gent (Vlied,Vrije Academie,
Littera), Brugge (Moritoen), Turnhout (Elcker-ik), Brussel / Gent /
Lombardsijde (Graffiti), Knokke (C.C.Scharpoord), Brussel (Rits), Sint-Pieters-Leeuw
(Provincie Vlaams-Brabant) enz.
Publicaties :
Gedichten
Imaginaire bibliografie
Radiowerk
Literair credo
Uiteraard steunt schrijven altijd op de bronnen leven en lezen. Wat dit laatste
betreft kan enkel de wereldliteratuur de toetssteen zijn, niet de
hype der hitlijsten. Een gedegen en levenslange studie van de genres
,taal-en stijlmogelijkheden leidt tot vakbekwaamheid.
Niet de markt: men zal commerciële en politieke bindingen die het
wereldje semi-corrupt maken wantrouwen.
Vooral in
poëzie is de grootst mogelijke beknoptheid en vormbeheersing
nodig. Verhalen, romans en drama dienen soms planmatig voorbereid
(research over feitelijke gegevens, een stevige structuur,
geloofwaardigheid van de karakters en hun evolutie) en vaak
gecorrigeerd. Geen haastwerk in literatuur!
Boven het
geschreeuw van markt en mode moet men de integriteit van de vakman
stellen. Kan hij zijn geschrift na twintig jaar herlezen zonder
schaamte? Of ziet hij in de spiegel slechts een succesvol prostitué?
Desnoods op het gevaar af geïsoleerd of geboycot te worden moet
hij tijdig durven protesteren tegen onrecht. Een groot schrijver is
nooit de bezoldigde hofnar of casuist van een regime. Evenmin zal hij
zijn werk en zichzelf ontwaarden door porno en sadisme. Knap
vervaardigd gif blijft gif,des te gevaarlijker.. M.a.w. zelfrespect
is de norm.
Kunst en
wetenschap zonder hogere waarden zijn uiteindelijk waardeloos.
In deze
periode van amerikanisering en xenomanie moeten we de mogelijkheden
van het Nederlands en het Vlaams en Europees erfgoed blijven
verdedigen.
Wetenschappelijke studies :
Wiskunde
Enkele stemmen:
De studie der verbeelding
Als jongetje verzamel je vreemde schrifttekens, sporen van dieren…luister
je naar de verhalen van oude verwanten, verzin je er zelf …
verslind je jeugdboeken, tekenverhalen en je dweept met films.Later
wordt de lectuur grondiger (hij heeft altijd gehouden van het
fantastische en SF,en het kortverhaal in het algemeen), en schrijf je
zelf. Vooral "De stilte", "Het schaakspel van
Leuven", de dichtbundels "Pentagram"en
"Noctuarium","Het boekje der boeken" en het
hoorspel "Spelers" tonen veel fantasie. Die is
weggedeemsterd in de Vlaamse literatuur na J.Ray /J.Flanders
,J.Daisne en H.Lampo. Net als het experiment trouwens.Trivialiteit en
versoaping (ook in de huis-, tuin-en keukenpoëzie) grijpen om
zich heen.
Later ga je uitingen der verbeelding op allerlei terreinen ordenen en zoekt
het beste theoretisch kader daartoe, de wetmatigheden van het
"toevallige", creativiteit. Te lang hebben
psychoanalytische verklaringen gegolden als dogma (het individueel
resp.collectieve onderbewuste volgens S.Freud en C.G.Jung,
"vrije"associaties). Naast nogal zweverige of troebele
omschrijvingen door kunstenaars zelf. Geen wonder dat verbeelding
door de meeste filosofen is gewantrouwd.
Devroe erkent de grote rol van intuïtie , emoties, (dag)dromen e.d.
maar legt evenzeer de klemtoon op de rationaliteit van het
"irrationele". De talloze uitingen van creatieve e.a.
verbeelding kan je herleiden tot een beperkt aantal mechanismen, de
werking van "verbeeldings- of virtualiteitsfuncties".
Bewust of onbewust. Naargelang de afwijking t.o.v. de zintuiglijk
waarneembare werkelijkheid ("de wereld") leiden ze tot
vijf modi: van de "reële" naar de
"virtueel-universele" zijnswijze.
Om een en
ander te testen heeft hij een corpus samengesteld ("Lexicon der
verbeelding")en het begrippenapparaat nagegaan i.v.m. velerlei
soorten verbeelding in filosofie, psychologie, antropologie,wiskunde
en artistieke theorievorming. De neerslag van deze studie sedert ruim
dertig jaar vindt men in themanummers van "WEL" (zie
aldaar). Een synthese vormt zijn levenswerk "Het Virtuele
Universum. Inleiding tot de virtualistische wijsbegeerte en studie der
verbeelding" verscheen bij Garant, Antwerpen/Apeldoorn, 2007, 117 blz.,
geïll. – 14 euro " ( ,tevens inleiding tot het Virtualisme,
een nieuwe filosofie. De zoektocht naar de structuren van de
verbeelding verliep parallel met een queeste naar antwoorden op de
grote levensvragen. "Hans is een piekerbol én een
zigeuner"vond zijn moeder.
Wie de
godsdiensten maar ook de filosofische stelsels doorvorst (en dat
duurt een heel leven,niet de vier jaren van een opleiding) stoot op
een grote versnippering, tegenspraak en verwarring. Tijdens de
laatste eeuw werden verregaande subjectivering (het ego als centrum
van het heelal? En wie is dit ego?) en fragmentering de mode (zie
o.m. deconstructie, postmodernisme en andere opleving van vroegere
sofistiek en cynisme). En ont-waarding, want ethische richtlijnen
heten "relatief","veranderlijk" en Nietzsche
verkondigde de "dood van God" (maar stierf- o hubris-
krankzinnig).
Het virtualisme (L.virtus, "kracht","deugd" –zie
ook virtualiteit) wil een nieuw Imago Mundi, een coherent wereldbeeld
zoals werd nagestreefd door de belangrijkste Grieken, de scholastiek
maar ook de Oosterse systemen (o.m.Vedanta). Dit voert tot een deels
nieuwe ontologie, aansluitend bij Aristoteles doch semiotisch
aangevuld. En leidt tot hernieuwde aandacht voor metafysica
(interpretaties van het Zijn? Leegte? welk godsbeeld ?).De theorie
over de soorten verbeelding en haar werkingen vormen een as van het
systeem zoals van het Geheel.
Filosofie, thans versnipperd tot vele subsubdisciplines, mag zich niet beperken
tot het becommentariëren van commentaren van voorgangers(
t.b.v.een carrière) maar moet weer een levenwekkend antwoord
bieden op de twee (Griekse)hoofdvragen: Hoe is de Kosmos geordend?
Hoe leven?
Voor dit leven als enkeling en in gemeenschap zijn de traditionele deugden
(eventueel nieuw geduid) essentieel.Zowel bij Plato,Aristoteles
("gouden maat"), Maimonides en Thomas als in de grote
godsdiensten vooropgesteld als richtlijnen, op lange termijn het
meest heilzaam.Ook voor een gemeenschap. "Het Virtuele
Universum" zet echter evenzeer aan tot systematische
ont-beelding d.w.z. wantrouwen tegen de retoriek van politiek
(propaganda)en reclame verspreid via de media waarvan de impact enorm
is toegenomen.
Zo
benadrukt het virtualisme een nieuwe ordening, de grote mogelijkheden
der verbeelding ingeperkt
door de deugden. Elke wagen behoeft een krachtige motor, maar ook
remmen.